| |
 |
|
|
Heb je misschien
foto's, prent-
kaarten e.d.
die
het oude Bocholt tonen (locaties,
personen, dagelijks
leven) en die je
graag gepubliceerd
ziet, leen ze ons even en wij zetten
ze op deze site.
info@noordoost.be
|
|
Bocholt hoe het vroeger was
|
BOCHOLT |
Bocholt heeft een inwoneraantal van
ongeveer 12.500 en is een plaats en gemeente in Belgisch-Limburg. De
gemeente is gelegen aan de kanaalsplitsing van de Zuid-Willemsvaart en
het kanaal Bocholt-Herentals. Een kleine gemeenschap in het noordelijke
puntje van de Belgisch Limburgse Kempen en grenzend aan Nederland.
Bocholt bestaat uit vier parochies: Bocholt, Kaulille, Reppel en Lozen.
Reppel en Kaulille waren vroeger zelfstandige dorpen. Ze fuseerden
respectievelijk in 1970 en 1977 tot de huidige gemeente Bocholt. In 1910
schreven de Bocholtenaren wereldgeschiedenis met de verplaatsing van de
toren van de St.-Laurentiuskerk. Sindsdien dragen de Bocholtenaren de
fiere bijnaam van 'Torenkruiers'. Bocholt is een gemeente met veel
landbouw, groene toeristische troeven en gastvrije inwoners. Ook het
Bocholter bier draagt bij tot de naamsbekendheid van deze gemeente.
De heerlijkheid Bocholt stamt waarschijnlijk uit de tweede helft van de
12de eeuw. Oorspronkelijk droeg zij de naam 'Bucolt', wat beukenbos of
beukenhout betekent (de oudste geschreven bron die 'Bocholt' vernoemt
dateert uit 1162. Bocholt en omgeving behoorden tot 1365 bij het
toenmalige Graafschap Loon en vanaf 1365 tot 1789 bij het prinsbisdom
Luik. Tot aan de Franse revolutie resideerden de Heren van Bocholt op de
'Damburg', een versterkte herenhoeve in het centrum van de gemeente. Het
verleden van Bocholt centraliseert zich rond haar parochiekerk St.-Laurentius.
Omstreeks 1231 lieten de Graven van Loon de kerk in Maaslands-Gotische
stijl optrekken. In de strijd tussen de Graaf van Loon en de
Prinsbisschop van Luik werd zij voor het grootste gedeelte verwoest. De
toren trotseerde de verwoesting. Het huidige schip dateert van 1476. In
1910 werd de kerk alom bekend door haar beroemde torenverplaatsing. |
| |
|